pigmenten en kleurstoffen van de verfmolen

Pigmenten en kleurstoffen

Natuurlijke en kunstmatig verkregen pigmenten nu ook bij www.meubelrestauratieshop.nl

Voor het kleuren van verf, inkt, textiel, kunstoffen of andere materialen worden pigmenten/ kleurstoffen gebruikt. Pigment is poeder dat uit kleine, onoplosbare, sterk gekleurde korrels bestaat. Om pigment te verwerken, moet er gebruik worden gemaakt van een bindmiddel. Pigmenten zijn niet in water oplosbaar, een kleurstof daarentegen vaak wel. Dit zijn meestal plantaardige of dierlijke verfstoffen.

 

Verfstoffen kunnen in de volgende groepen worden ingedeeld:

  • Natuurlijk anorganische pigmenten  synthetische anorganische pigmenten voorbeelden natuurlijk: oker, omber, lapis lazuli, malachiet en krijt. Voorbeelden synthetisch: titaan wit, cadmium geel en rood en ultramarijn blauw.
  • Natuurlijke organische kleurstoffen en pigmenten. Voorbeelden plantaardig: meekrap, indigo en wijngaard zwart. Voorbeelden dierlijk: been- of ivoor zwart, sepia en cochenille.
  • Synthetische organische pigmenten. Voorbeelden: indisch geel, gummi gut imitatie en permanent rood

 

Soms is de benaming van een pigment terug te leiden van de (chemische) bereiding.

Dodekop rood/ paars heeft zijn naam te danken aan de ketel waar hij vroeger in werd bereid.

Deze ketel scheen op een doodskop te lijken.

In de loop der jaren zijn er echter ook veel fantasienamen gekomen. Deze leiden vaak af van een

bepaalde tint, streek of voorwerp en zijn vaak moeilijk te verkrijgen onder die bepaalde naam.

voorbeelden:  kanarie geel, bloed rood, aqua blauw en zaans groen.

 

!

ZINKWIT

Zinkwit

Zinkoxide is een wit of geel poeder, dat onoplosbaar is in water en ethanol. Als mineraal heet het zinkiet. Zinkoxide ontstaat door verbranden van zink, maar ook door thermische ontleding van zinkhydroxide, zinkcarbonaat of zinknitraat.

Toepassing: Het heeft een geringe zuur- en alkaliebestendigheid, het pigment beschermt tegen algen en schimmel en het zorgt voor een goed verloop van verf en het beschermt tegen corrosie (in combinatie met lood(II)oxide of loodsulfaat). Zinkoxide absorbeert alle straling beneden 360 nm en beschermt daarom met zinkoxide bestreken materialen uitstekend tegen veroudering door UV-licht. Zinkoxide reageert met zure componenten in coatings en verf. Daarbij worden zink-zepen gevormd, waarmee de flexibiliteit en de hardheid van de verf kan worden beïnvloed. Het wordt gebruikt in rubber, keramiek en cosmetica. Het wordt ook ingezet als coating op papier. Zinkoxide kan deel uit maken van een farmaceutische zalf, bijvoorbeeld tegen zonnebrand. Als pigment in verf is zinkwit enigszins transparant, in tegenstelling tot titaanwit, dat volledig dekkend is.

CARBON BLACK

Carbon black

Carbon black is de naam van een gemeenschappelijk zwart pigment dat traditioneel werd geproduceerd uit de verkoling van organische materialen zoals hout of bot. Het is zwart omdat het weinig licht reflecteert maar bijna alle licht absorbeert. Het is het zwartste zwart dat er te vinden is. Er zijn ook specifieke zwarte pigmenten als

  • Ivoor zwart werd traditioneel geproduceerd door verkoling van ivoor of  botten (beenderzwart)
  • Wijnstok zwart werd traditioneel geproduceerd door verkoling verdroogde druif wijnstokken en stengels.
  • Lampenzwart werd traditioneel geproduceerd door het verzamelen van roet, ook bekend als lampblack, uit olielampen.

Nieuwere methoden voor de productie van roet hebben deze traditionele bronnen vervangen hoewel sommige materialen nog steeds worden geproduceerd met behulp van traditionele methoden. Voor ambachtelijke doeleinden, is het zeer nuttig.

OXYD ZWART

Oxyd zwart

Oxyd zwart wordt synthetisch gemaakt van ijzeroxyde 19e eeuws Is een kunstmatig mineraal pigment. In tegenstelling tot andere zwarte pigmenten droogt ijzeroxyde goed. Reageert uitzonderlijk goed met alle bindmiddelen. Heeft een goed kleurend en dekkend vermogen.

VAN DIJKS BRUIN

Van Dijks bruin

van Dijks bruin eigenlijk van Dycksbruin is vernoemd naar de kunstschilder Anthony van Dyck. 17e eeuws. Bruinkool dat water oplosbaar is gemaakt. Het pigment kan worden gebruikt voor onderschildering of als houtbeits.

ITALIAANS OMBER

Italiaans omber

Italiaanse Omber is een pigment dat al in de Oudheid werd gebruikt.  De naam van het gesteente umber is afgeleid van de Italiaanse regio Umbrië. Tegenwoordig is omber vooral afkomstig van Frankrijk, Italië en Duitsland. Het meest bekend zijn de umber-afzettingen van Cyprus. Toepasbaar met alle bindmiddelen. Ombers in olie gemengd, drogen uitstekend.

OMBER GEBRAND

Omber gebrand

Omber gebrand. Aardkleuren uit Frankrijk, Italië, Duitsland en Cyprus. In diverse bruin tinten. Het branden betekent eigenlijk bakken; zo krijgt omber zijn kastanje- achtige kleur. Toepasbaar met alle bindmiddelen. Ombers in olie gewreven, drogen uitstekend.

OMBER ONGEBRAND DONKER

Omber ongebrand donker

Aardkleuren uit Frankrijk, Italië, Duitsland en Cyprus. In diverse bruin tinten. Het branden betekent eigenlijk bakken; zo krijgt omber zijn kastanje- achtige kleur. Toepasbaar met alle bindmiddelen. Ombers in olie gewreven, drogen uitstekend.

TURKSE OMBER GEBRAND DONKER

Turkse omber gebrand donker

Aardkleuren uit Frankrijk, Italië, Duitsland en Cyprus. In diverse bruin tinten. Het branden betekent eigenlijk bakken; zo krijgt omber zijn kastanje- achtige kleur. Toepasbaar met alle bindmiddelen. Ombers in olie gewreven, drogen uitstekend.

GEEL OKER JTCLES

Geel oker JTCLES

Het pigment is goed dekkend en uitstekend lichtecht in alle schildertechnieken. In olieverf is oker een snel drogende kleur en is daarom nuttig bij gebruik als onderschildering. De gele kleur van een onderschildering met oker zal door het hele schilderij heen schemeren en het een bepaalde warmte geven.

Rode en gele oker pigmenten worden op veel plaatsen gewonnen, zo ook aan het aardoppervlak in Minas Gerais in Brazilië. In de Amerikaanse staat Virginia wordt oker in open mijnen met de hand opgeraapt. In de omgeving van de Franse plaats Rousillon wordt ook veel oker in de bodem aangetroffen. Ook in Australië wordt oker gevonden, waar de Aboriginals het gebruikten om hun lichaam te kleuren. Ook in Nederland treft men wel okerkleurige grond aan. Het is dan ook een kleurstof die sinds de oudheid in schilderkunst wordt gebruikt. Limoniet is een mineraal dat een grote leverancier is van gele oker.  De kleisoorten die voor de bereiding van okers gebruikt worden, zijn op verschillende plaatsen aangetroffen en hebben daardoor ook verschillende tinten. Deze okers zijn verven die tot de oudste behoren in de schilderkunst. De kleuren lopen uiteen en dragen allerlei benamingen, zoals: goud-oker, lichte oker, rode oker, bruine oker. Door verhitting kunnen nog tal van andere kleuren worden verkregen (gebrande oker) die min of meer naar het roodbruin neigen. Ook Napels-geel; Keulse aarde, van Dijksbruin en de ombers behoren tot de okersoorten. Het gaat hier om een semi-transparante verfstof die goed droogt en zich laat mengen met andere verven.

SIENNA ONGEBRAND

Sienna ongebrand

Siena is een natuurlijk aardpigment dat al in de oudheid werd gebruikt. Van origine uit Siena (in Toscane, Italië), later ook uit Corsica, Sardinië, Duitsland, Spanje en Klein-Azië. Kan overal mee gemengd worden. Is niet bestand tegen felle hitte.

ENGELS ROOD

Engels rood

Engels rood werd al in de Oudheid gebruikt. Een aardpigment dat direct werd gewonnen uit natuurlijk voorkomende gesteenten zoals rode oker en rode bolus in het Engelse plaatsje Hull. Nu is het een synthetische ijzeroxyde. Toepasbaar in kalk, lijm, caseïne, olie en lak. Wordt ook gebruikt als polijstpoeder.  Engels rood is hitte bestendig.

PANNEN ROOD

Pannen rood

Pannenrood is 17e eeuws. Van terracotta klei worden onder andere dakpannen en tegels gebakken. Deze bevatten ijzeroxyde. De kleur varieert van oranje tot warm  bruin-rood. Op windkracht worden op Verfmolen  De Kat Oudhollandse dakpannen  vermalen tot pannen rood. Toepasbaar in olieverf, aquarelverf en acrylverf.

SPAANS ROOD/RODE DODEKOP

Spaans rood/rode dodekop

Spaans rood/ rode dodekop.19e eeuw. Wordt gewonnen uit mijnen in Gajen in Spanje op een diepte van 75 meter. Toepasbaar in alle bindmiddelen. Droogt redelijk, is lichtecht en hittebestendig. Heeft een goed kleurend en dekkend vermogen. Wordt ook gebruikt voor het polijsten van glas.

DRAKENBLOED

Drakenbloed, het geheim van de Italiaanse vioolbouwers

Kleur

Het pigment dat uit de verschillende drakenbloedbomen wordt gewonnen, heeft een donkerrode kleur. De kleur doet denken aan bloed. In de Middeleeuwen bracht men het sap in verband met hekserij omdat het, aan de lucht blootgesteld, oranjerood kleurt. Men dacht dat drakenbloed afkomstig was van draken.

Herkomst

De verschillende drakenbloedbomen zijn inheems op de Canarische eilanden (Dracaena draco), in Zuid- Amerika (Pterocarpus draco), in Zuidoost-Azië (Daemonorops draco) en in Oost-India (Pterocarpus draco, Dracaena draco).

Productie

Het pigment drakenbloed wordt gewonnen uit de hars van de schors van de drakenbloedbomen Dracaena draco en Pterocarpus draco. Sommige bomen geven de hars vanzelf af, andere moeten eerst ingekerfd worden voor ze de hars loslaten. Na oogsten wordt de hars verhit. Het smeltpunt ligt bij 60 tot 100 graden Celsius. Daarna kan de hars gezuiverd en tot pigment vermalen worden.

Daarnaast leveren ook de geschubde vruchten van de drakenbloedpalm Daemonorops draco drakenbloed. De vruchten worden boven een vuur verhit, waarbij een brijachtige massa tevoorschijn komt. De harsmassa wordt gedroogd tot koeken. Hieruit wordt het pigment gewonnen.

Toepassing

Vanaf de vroege Middeleeuwen wordt drakenbloed in de schilderkunst gebruikt. Ook wordt het gebruikt voor medicinale doeleinden en verder als kleur- of verfstof. Drakenbloed is oplosbaar in alcohol en dus kan het ook worden gebruikt in politoervernis. Italiaanse vioolbouwers voegen het vandaag de dag nog toe aan de viool lak van hun instrumenten.

LAC DYE

Lac dye. De kleurstof uit schellak

Lac dye is de prachtig fel rode natuurlijke kleurstof die wordt gemaakt door de vrouwelijke lakluis Laccifer lacca. Het pigment lost prima op in alcohol en is dus ook heel goed te gebruiken om schellak mee aan te kleuren. Zodoende kan een prachtige rode lak worden gemaakt om mahonie intens te kleuren. Overigens kan ook met lac dye en een beetje gummigut imitatie een mooie mahoniekleur worden gemaakt. Lacdye is goed lichtecht in tegenstelling tot drakenbloed dat een stuk minder lichtecht is.

SIGNAALROOD

Signaalrood, naftolrood, azorood, vuurrood, Helioechtrood, permanentrood
Permanent rood 20e eeuws Is een synthetisch anorganisch pigment. Toepasbaar met alle bindmiddelen. Heeft een buitengewoon kleurend vermogen en is dekkend. Is niet hittebestendig.

MEEKRAP

Meekrap of kraplak Turksrood, van Dijksrood, Rubensrood, roodbruine kraplak

Kraplak 16e eeuws Is een plantaardige verflak die zijn naam ontleent aan de meekrapplant. Is vrij tranparant en lichtecht. Goed toepasbaar voor glaceren. Kan niet worden vermengd met kalk producten.

Kraplak is een plantaardige verflak die zijn naam ontleent aan de meekrapplant (rubia tinctorum). De naam meekrap zou te danken zijn aan de vorm van de wortel die haakachtige uitsteeksels heeft. Deze wortel wordt na het oogsten een bepaalde tijd opgeslagen. In die tijd vormt zich onder andere de kleurstof alizarine.

Deze kleurstof wordt opgelost en neergeslagen op een substraat. Dit substraat bepaalt mede de kleur van het eindproduct dat purperrood, roodbruin en donkerviolet kan zijn.


Waarschijnlijk hebben de Phoeniciërs al voor het eerst kraplak gemaakt. Dat kan men onder andere concluderen uit de Griekse naam voor purperrood phoinikon.

Verder vindt men bij het tegenwoordige Lybanese Saida en ook elders nog metersdikke lagen van slakkenhuizen van de purperslak.Voor de bereiding van 1 gram verfstof waren, afhankelijk van de grootte van de slak, 8.000 tot 40.000 slakken nodig. Het slijm van die slakken moest in de zon omgezet worden in de verfstof, wat een afschuwelijke stank veroorzaakte. Eigenlijk een koninklijke kleur onwaardig! Men zocht daarom al heel vroeg naar een vervanger.


De Romeinen en de Grieken kenden al alizarine dat werd ingevoerd vanuit India.
Plinius noemde de kleurstof die daaruit werd bereid, rubia (= rood).


De meekrapplant die oorspronkelijk uit India kwam, werd in de 16e eeuw veel in Zeeland verbouwd. In 1869 werd door Grabe en Liebermann kunstmatig alizarine bereid uit
steenkoolteer. Daarna liep de meekrapteelt sterk terug.


Kraplak is lichtecht, kan met de meeste verfstoffen gemengd worden, maar niet met
kalkhoudende producten. De tegenwoordige kraplak is daarom een synthetisch product. De verfstof wordt gebruikt in lakverven. De laag is min of meer transparant en leent zich daardoor in kunstschilderverven goed voor glaceren over bijvoorbeeld een laag vermiljoenrood, waardoor de lichtechtheid van het vermiljoen wordt verbeterd.

DODEKOP PAARS

Dodekop paars

Dodekop paars is 19e eeuws. Is een kunstmatig mineraal pigment. Heeft zijn naam te danken aan de ketel waarin het pigment wordt bereid, die lijkt namelijk op een doodskop. Toepasbaar in alle bindmiddelen. Droogt redelijk, is lichtecht en hittebestendig. Heeft een goed kleurend en dekkend vermogen.

ULTRAMARIJN BLAUW

Ultramarijn blauw

Kunstmatig ultramarijnblauw wordt gemaakt van kaolin, kiezelaarde, soda en zwavel. Hierdoor ontstaat zwavelhoudend natrium-toonaardesilicaat

Kleur: Sterk blauw, genuanceerd van licht sulfaat – tot donker soda ultramarijn.

Voordelen: Lichtvast, Zeer fijn van structuur, Dekt als lijm- en caseïneverf zeer goed, Niet giftig, Tamelijk goed kleurend vermogen.

Nadelen:  Als olieverf een slecht dekkend vermogen,Slechte droging, Voor buitenschilderwerk niet duurzaam, Gevoelig voor zuren.

Mengen: Niet te mengen met Bremer-, Spaans- en Friesgroen.

Bindmiddelen: Geschikt voor olie-, caseïne- lijm- en kalkverf. Ook geschikt in spiritusvernis.

 

CHROOMOXYD GROEN

Chroomoxyd groen

Chroomoxyd groen is 19e eeuws. Het is een kunstmatig mineraal pigment. Een verbinding van chromium en zuurstof. Hele mooie ingetogen groene kleur. Toepasbaar in kalk, lijm, caseïne, olie, waterglas, lak en cement. Is volkomen lichtecht en weersbestendig. Heeft een hoog kleurend vermogen, dekt en droogt goed. Is bestand tegen hoge temperaturen (900 °c). Nadeel is dat het een (te) dure verfstof is.

ITALIAANSE GROENE AARDE

Italiaanse groene aarde

Groene aarde ook wel Boheemse aarde, Cyprische aarde, Veronzer aarde, Tiroler aarde, Saksische aarde, terra verde genoemd. Een ijzersilicaat en een verweringsproduct van verschillende materialen. Het bestaat uit magnesiumoxide, aluminium, ijzer en is gebonden aan kiezelzuur. De donkerste, bruinachtige groene aarde. Olijfgroene kleur. Voordelen: Zeer geschikt als substraat. Nadelen: Niet geheel kalkvast, Niet geheel lichtvast.

Kan met alle pigmenten gemengd worden.

Ongeschikt in olieverf. Geschikt in lijm- en kalkverf.

 

RIJTUIG GROEN

Rijtuig groen

Ruituiggroen is 20e eeuws. Afkomstig van een mengsel van diverse kleuren geel, zwart en groen. Toepasbaar voor alle technieken en voornamelijk in olieverf. De naam van deze verf is enigszins misleidend, omdat men zou kunnen veronderstellen dat het om één kleur gaat. In principe gaat het om verven, waarvoor standolie als bindmiddel is gebruikt. Hieraan is Bremergroen, dat weinig kleurend vermogen bezit, toegevoegd. Door deze combinatie ontstaan koperzepen, waardoor een zeer sterke verf wordt verkregen, De term ‘stand’ slaat daarom niet op het bindmiddel, maar op de duurzaamheid, de kwaliteit en het standhouden van de verflaag. Vanuit deze theorie kunnen standverven in vele kleuren gemaakt worden. Dit houdt in dat momenteel standgroen, gefabriceerd met moderne bindmiddelen, in diverse tinten wordt geleverd, waarbij het dan meer om de kleur gaat.

ZEE GROEN

Zee groen

Zee groen is 20e eeuws. Afkomstig van phatalocyanide groen, phatalocyanide blauw en bariumsulfaat. Toepasbaar in alle technieken.

GROENE OMBER

Groene omber

Groene omber is een aardetint uit de Oudheid. Aardkleuren uit Frankrijk, Italië, Duitsland en Cyprus. Meestal in diverse bruin tinten, maar deze is donker groen. Toepasbaar met alle bindmiddelen. Ombers in olie gewreven, drogen uitstekend.